SACRÉ CUISINE

OVER ETEN EN CHRISTELIJKE FEESTEN

 

 

 

Geen absolute verboden

 

Alhoewel de Christelijke traditie geen absoluten verboden ken, zoals bijvoorbeeld het verbod op het eten van varkensvlees), heeft de kerk in de loop der eeuwen wel degelijk regels gesteld rondom het nuttigen van maaltijden.

Deze regels hebben tot op heden onze eetgewoonten beïnvloed.

 

Aanvankelijk vastten kluizenaars die zich terug trokken in de woestijn.  Zij aten gedurende een bepaalde periode helemaal niets.

Augustinus onthield zich op latere leeftijd van het nuttigen van wijn.

 

Wel regels

 

Vasten en onthouding werd een vorm van boetedoening. Maar er golden nog geen algemene regels.

Die werden opgesteld in de 5e en 6e eeuw door Benedictus. Hij stelde leefregels voor monniken op. Een van deze regels was dat de monniken 40 dagen voor pasen en 30 dagen voor kerst dienden te vasten en ook op vrijdagen, woensdagen en een liefst ook nog een andere dag, maar nooit op zondag. Dat hield in: niet eten totdat de eerste ster aan de hemel kwam. Bovendien diende men zich op die dagen te onthouden van het eten van vlees en afgeleide producten, zoals boter, melk en eieren.

Deze regels werden later gemeengoed binnen de kerk.

 

Waarom geen vlees?

 

Men veronderstelde dat het eten van vlees(producten) niet tot het reinigen van de ziel kon leiden, omdat vogels en zoogdieren voort waren gekomen uit geslachtsgemeenschap. Vissen mochten wel worden gegeten, men veronderstelde dat deze uit zichzelf werden voortgeplant.

 

Vasten extra zwaar in Noord Europa

 

In Noord Europa beschikte men niet over olijfolie en ook niet over amandelmelk. Bovendien was het klimaat harder. Dat betekende dat men in de wintermaanden tijdens het vasten nauwelijks vet binnen kreeg. Er bleef niet veel meer over dan brood, peulvruchten, groente en vis.

En dan ook niet gebakken, maar uitsluitend gekookt in water.

Johannes van Dam stelt dan ook, misschien niet geheel ten onrechte, dat het hem dan ook niet verbaasd heeft dat juist de reformatie in de noordelijke landen zo goed aansloot: een van de eerste zaken die daarmee werden afgeschaft waren de vasten.

 

Huidige invloed op onze eetgewoonten

 

Hoewel zelfs de meeste katholieke gelovigen niet meer echt vasten, zijn er een aantal eetgewoonten tot op heden bewaard gebleven.

Zo zijn de meesten nog bekend met 'Vrijdag visdag',  wat direct verwijst naar een vastendag, waarop wél vis maar geen vlees gegeten mocht worden.

 

Ook is onze kerststol een typisch vastenbrood: er komen geen eieren in te pas.  Dat er nu wél boter doorheen gaat, stamt uit de 14e eeuw, toen de keurvorst Ernest von Saxen bij de Paus een boterbriefje verkreeg, een dispensatie om toch boter te mogen gebruiken.

 

Het feit dat we met Pasen en Kerst zo uitbundig eten, heeft ook alles te maken met het einde van een lange vastenperiode.

 

Vasten een goed idee?  

 

Het kan heel nuttig zijn om - zelfs als men niet gelovig is - een vastenperiode in acht te nemen. Hoewel we tegenwoordig weinig op hebben met het begrip boetedoening, krijgen we des te meer met het begrip bewustwording. Een periode waarin men minder vet tot zich neemt kan helemaal geen kwaad in een maatschappij waar ongeveer de helft van de bevolking met overgewicht kampt.  Het is ook een goed moment om eens stil te staan bij hoe wij ons tot ons voedsel verhouden.

Wanner het voor sommigen misschien te ver gaat om fulltime vegetarisch te worden, zou een vastenperiode een goed moment kunnen zijn om tijdelijk vlees en dierlijke producten ter zijde te schuiven.